 |
|
| Maak desgewenst extra kaders. |
| U hebt al kaders gemaakt voor drie staten in de animatie. Bekijk of u nog meer kaders wilt. |
|
| Bij het plannen van een animatie moet u nadenken over hoe u de afbeelding wilt laten bewegen en maakt u een kader voor elke belangrijke staat in de animatie. U kunt vervolgens de functie Tussenvoegen in ImageReady gebruiken voor het maken van tussenkaders die de overgang vormen van de ene belangrijke staat naar de andere. |
|
|
|
|
 |
|
| Gebruik Tussenvoegen voor het opvullen van de animatie. |
| Selecteer kader 2 in het palet Animatie en klik op de knop Tussenvoegen. In het dialoogvenster Tussenvoegen selecteert u Vorig kader in het popup-menu Tussenvoegen met en geeft u het aantal kaders op dat u wilt toevoegen. Hier zijn twee kaders aan de animatie toegevoegd. |
|
| Herhaal het tussenvoegen om nieuwe kaders te maken tussen de kaders die u hebt gemaakt in stap 3 en 4. U kunt de instellingsopties in het dialoogvenster Tussenvoegen gebruiken om op te geven welke elementen bij het tussenvoegen moeten worden aangepast. U kunt bijvoorbeeld de positie animeren maar de instellingen voor dekking intact laten zodat kleuren worden vervaagd of abrupt worden versterkt. |
|
|
|
|
|
|
 |
|
| Bekijk een voorvertoning van de animatie. |
| Klik op de knop Afspelen in het palet Animatie om een voorvertoning te bekijken in ImageReady. Of klik op de browser-knop in de gereedschapset om een voorvertoning van de animatie te bekijken in de standaard webbrowser. |
|
|
|
|
|
|