Vaak is één afbeelding onvoldoende om een 3D-model te textureren. Voor de beste resultaten zijn vaak meerdere speciale effecten vereist. Hier volgen een paar gangbare textuurafbeeldingen die kunstenaars gezamenlijk gebruiken om een definitief getextureerd model te maken.
De diffuse afbeelding geeft je model zijn basiskleur. Deze afbeelding wordt, indien ingesteld, ook door je 3D-software gebruikt om gereflecteerd licht te dempen, wat de lichtval in een scène realistischer maakt.
Deze texturen zijn vergelijkbaar met diffuse afbeeldingen en worden in bepaalde software in plaats van een diffuse afbeelding gebruikt. Het belangrijkste verschil is dat albedo-afbeeldingen geen schaduw of gloed tonen. In die zin definieert de albedo-afbeelding de basiskleur van een object in een neutrale lichtsituatie.
Texturen van een spiegelafbeelding bepalen de intensiteit en locatie van lichtschitteringen. Lichtschitteringen zijn de felle reflecties die op oppervlakken verschijnen als direct licht wordt gereflecteerd. Deze afbeeldingen bepalen dus de kracht, kleur, ruwheid en vloeiendheid van deze hooglichten op oppervlakken.
AO-afbeeldingen (Ambient Occlusion) zijn speciale texturen waarmee schaduwen op concave gebieden van een model worden nagebootst. Dit is een voordelige manier om een 3D-object realistischer te maken, zonder dat het nodig is om details toe te voegen aan de geometrie.
Een normaalafbeelding is een RGB-afbeelding waarmee een afbeelding wordt vervormd over drie punten op een as, zodat een oppervlak diepte lijkt te krijgen en realistischer wordt zonder de geometrie van het object complexer te maken.